Landbouwsubsidies en GLB

Naar aanleiding van de nieuwe subsidiemaatregelen in het GLB krijgt BioForum regelmatig vragen van bioproducenten. Hieronder geven we een antwoord op de meest gestelde vragen.

Deze vragen zijn specifiek van toepassing op de biosector. Heb je een algemene vraag, dan neem je best rechtstreeks contact op met het Departement Landbouw en Visserij. Je vindt hier alle nodige contactinformatie. 

Herlees hier het interview dat we hadden over PDPO III in Bio Actief 26 (december 2014). 

Herlees hier het interview dat we hadden over VLIF in Bio Actief 27 (maart 2015). 

Disclaimer: We proberen je zo correcte en accuraat mogelijke informatie te geven over GLB 2020. BioForum is niet aansprakelijk voor eventuele foute informatie. Neem bij twijfel best rechtstreeks contact op met het Departement Landbouw & Visserij.


  1. Hoe ziet de hernieuwde biologische hectarepremie er uit en wat zijn de voorwaarden? 
     
  2. Vervalt de premie voor biologisch grasland als je natuurgebieden beheert? 
     
  3. De uitloop van mijn kippen bevat bomen. Onder welke voorwaarden komt dit in aanmerking voor de biohapremie?
     
  4. Met welke agromilieumaatregelen kan ik de biologische hectarepremie combineren? 
     
  5. Mag ik als bioboer mijn meer dan 5 jaar oud grasklaverperceel nog in de rotatie steken?
     
  6. Verlies ik mijn biohectarepremie (gedeeltelijk of volledig als ik niet voldoe aan de vereisten inzake blijvend grasland?
     
  7. Zal ik een deel van mijn biohapremie verliezen als ik geen afstand neem van het recht om automatisch te voldoen aan de vergroeningsvereisten?
     
  8. Hoe bereken ik de mogelijke korting (wegens dubbelfinanciering) op mijn agromilieumaatregelen, beheerovereenkomsten of biohectarepremie? 
     
  9. Moet ik als bioboer voldoen aan de vergroeningsvereisten?

HOE ZIET DE HERNIEUWDE BIOLOGISCHE HECTAREPREMIE ER UIT EN WAT ZIJN DE VOORWAARDEN?

Alle informatie over de biologische hectarepremie vind je op de infofiche. We lichten er een aantal opvallende veranderingen uit: 

  • De subsidiebedragen zijn gewijzigd. 
  • Eénjarige grasklaver wordt voor de biohapremie niet langer beschouwd als akkerbouwteelt, maar als grasland. Je krijgt voor deze teelt dan ook een lagere biopremie. 
  • Combineerde je de biologische hectarepremie vroeger met een van de agromilieu- of beheermaatregelen, dan zat je met een bovengrens. Dat plafond bestaat niet langer. Voor grasklaver bijvoorbeeld kan je nu naast de biohapremie ook de volledige steun voor vlinderbloemigen aanvragen. Dat levert samen 570 euro op (750 euro voor omschakelaars). 
  • Percelen met natuurlijke begroeiing komen niet langer in aanmerking voor de biologische hectarepremie. Deze percelen komen vanaf nu wel in aanmerking voor directe steun (als je over betaalrechten beschikt).

VERVALT DE PREMIE VOOR BIOLOGISCH GRASLAND ALS IK NATUURGEBIEDEN BEHEER?

De term "Grassen in natuurbeheer" (oude code 9824) bestaat niet meer. Vanaf nu geef je via de verzamelaanvraag "grasland" of "natuurlijke graslanden" aan. Grasland komt uiteraard wel nog in aanmerking voor de biologische hectarepremie. Voor natuurlijke graslanden is dat niet langer het geval, al komen die vanaf nu wel in aanmerking voor de betaalrechten en pijler 1-steun. Er moet dan wel een minimumactiviteit (code 9828) zijn. Natuurlijke graslanden zonder minimumactiviteit (code 9829) komen ook daarvoor niet in aanmerking.

Ter verduidelijking: Natuurlijke graslanden zijn gronden met ruige grassen, grassen met een belangrijke aanwezigheid van mossen, kruidachtige gewassen of andere weinig voedzame grassoorten, of ouder weidegras met een zekere onkruidgraad. Minimumactiviteit betekent het jaarlijks maaien van de percelen voor 1/10 van het campagnejaar waarbij het maaisel wordt afgevoerd, of het laten begrazen van de percelen.

DE UITLOOP VAN MIJN KIPPEN BEVAT BOMEN. ONDER WELKE VOORWAARDEN KOMT DIT IN AANMERKING VOOR DE BIOHAPREMIE? 

Er zijn twee mogelijkheden:

  1. Er staan minder dan 100 bomen en de bomen leveren geen commercialiseerbare opbrengst op. Je moet dit als grasland beschouwen (premie: 120 euro/omschakelaars: 300 euro). 
     
  2. Je hebt een oogstbare boomgaard en je commercialiseert de opbrengst. Het gaat dan om de premie voor meerjarige teelten (premie: 210 euro/omschakelaars: 860 euro). Het maximum van 100 bomen is hier niet van tel.

Dezelfde voorwaarden (max. 100 bomen of commercialiseerbaar) gelden trouwens ook voor de directe steun (voor wie betaalrechten heeft).

MET WELKE AGROMILIEUMAATREGELEN KAN IK DE BIOLOGISCHE HECTAREPREMIE COMBINEREN?

Net als vroeger mag je de biologische hectarepremie niet met eender welke agromilieu- of beheermaatregel combineren. Het Departement Landbouw en Visserij heeft een kruistabel gemaakt waarin je kan nagaan welke combinaties er mogelijk zijn met de biohectarepremie. Je vindt die tabel hier.

MAG IK ALS BIOBOER MIJN MEER DAN 5 JAAR OUDE GRASKLAVERPERCEEL NOG IN DE ROTATIE STEKEN?

In 2015 en 2016 valt het blijvend grasland nog onder de randvoorwaarden: alle informatie daaromtrent vind je hier. Vanaf 2017 valt blijvend grasland onder de nieuwe regels van de vergroening.

Als bioboer voldoe je automatisch aan deze vergroeningsvereisten, ook de vereiste inzake grasland.

In bepaalde gevallen (bv. om te vermijden dat je de VLI-premie of een deel van je biohapremie verliest) kan het echter nuttig zijn om afstand te nemen van dat recht. In zo'n geval moet je je houden aan de vergroeningsvoorwaarden, inclusief de bepalingen rond blijvend grasland. Het is dus enkel in dit geval dat er misschien gevolgen zijn voor de rotatiemogelijkheden van je grasklaverpercelen, en wel in het volgende scenario: Je perceel bevat al minstens vijf jaar gras(klaver) en wordt dus als blijvend grasland beschouwd. Tegelijkertijd daalt de verhouding tussen het Vlaamse areaal blijvend grasland en het totale Vlaamse landbouwareaal met meer dan 5%. In dat geval komt er het jaar nadien o.a een scheurverbod op alle percelen 'Blijvend grasland'. Meer info vind je hier. Via deze link vind je enkele uitgewerkte voorbeelden.

VERLIES IK MIJN BIOHECTAREPREMIE (GEDEELTELIJK OF VOLLEDIG) ALS IK NIET VOLDOE AAN DE VEREISTEN INZAKE BLIJVEND GRASLAND?

Er is geen rechtstreekse relatie tussen de biohapremie en de vergroeningsvereiste "blijvend grasland", maar er kunnen wel andere factoren meespelen. 

Heb je wel betalingsrechten en kan je dus een beroep doen op pijler 1-steun, dan voldoe je als biolandbouwer automatisch aan alle vergroeningsvereisten, inclusief die inzake blijvend grasland. Je moet in 2015 en 2016 wel nog voldoen aan de "oude" randvoorwaarden inzake blijvend grasland. De randvoorwaarden zijn gekoppeld aan de directe steun. Voldoe je hier niet aan, dan kan je minder directe steun ontvangen. Er is geen band met de biohectarepremie. Meer info over de randvoorwaarden in 2015 en 2016 vind je hier.

Heb je meer dan 15 ha bouwland, dan kan het misschien de moeite zijn om afstand te nemen van je recht als bioboer om automatisch te voldoen aan de vergroeningsvereisten. Meer bepaald als je beschikt over bufferstroken en/of bosranden. Doe je in dat geval geen afstand van dit recht, dan is er sprake van dubbelfinanciering tussen de vergroeningsvereiste "ecologisch aandachtsgebied" en de biologische hectarepremie en krijg je deze laatste niet volledig uitbetaald.

Dit geldt overigens niet alleen voor de biohapremie, maar ook voor sommige andere agromilieumaatregelen of beheerovereenkomsten. Of het sop de kool wel waard is, moet je zelf berekenen. Hoe dat moet, kan je bekijken bij het antwoord op de vraag "Hoe bereken ik de mogelijke korting (wegens dubbelfinanciering) op mijn agromilieumaatregelen, beheerovereenkomsten of biohectarepremie?

Neem je effectief afstand van je recht om automatisch te voldoen aan de vergroeningsvereisten, dan moet je natuurlijk wel de regels van de vergroeningsvereisten opvolgen. Voldoe je dan niet aan de vereisten inzake blijvend grasland, dan wordt een deel van de vergroeningspremie niet uitbetaald. Vanaf 2017 komt daar nog een administratieve sanctie bij. Maar het niet voldoen aan de vereiste inzake blijvend grasland heeft geen impact op je biohectarepremie, ook niet als je afstand neemt van het recht om automatisch te voldoen aan de vergroeningsvereisten.

ZAL IK EEN DEEL VAN MIJN BIOHAPREMIE VERLIEZEN ALS IK GEEN AFSTAND NEEM VAN HET RECHT OM AUTOMATISCH TE VOLDOEN AAN DE VERGROENINGSVEREISTEN? 

We hebben het hier over de kans op dubbelfinanciering. Europa wil namelijk niet dat twee keer subsidie wordt gegeven voor hetzelfde. Doordat bio automatisch voldoet aan de vergroeningsvereisten, acht Europa dat er dan in bepaalde gevallen sprake is van dubbelfinanciering. De vergroeningspremie wordt dan telkens wel uitbetaald, maar de biopremie of de premie voor agromilieumaatregelen (oa vlinderbloemigen) kan wel gekort worden.

Wanneer is er nu mogelijk sprake van dubbelfinanciering? Heb je als bioboer minder dan 15 ha bouwland, dan kan je op beide oren slapen. Het areaal bouwland is de totale subsidiabele oppervlakte die je in gebruik hebt op 21 april en waarbij de oppervlakte voor blijvend grasland en blijvende teelten in mindering wordt gebracht.

Heb je meer dan 15 ha bouwland, dan is er ook geen sprake van dubbelfinanciering voor de biohapremie als:

  • Meer dan 75% van het bouwland wordt gebruikt als grasland, als braakgrond, voor de teelt van vlinderbloemige gewassen of voor een combinatie van deze en dit voor zover het resterende bouwland, niet meer dan 30 hectare bedraagt. 
  • meer dan 75% van het subsidiabel landbouwareaal grasland is (zowel blijvend grasland als grasland op bouwland) en dit voor zover het resterende bouwland niet meer dan 30 hectare bedraagt.

Een uitzondering hierop is de premie voor de vlinderbloemigen!

HOE BEREKEN IK DE MOGELIJKE KORTING (WEGENS DUBBELFINANCIERING) OP MIJN AGROMILIEUMAATREGELEN, BEHEEROVEREENKOMSTEN OF BIOHECTAREPREMIE?  

Heb je meer dan 15 ha bouwland en minder dan 75% "grasachtigen" (lees: gras, braak, vlinderbloemigen of combinatie), dan kan er sprake zijn van dubbelfinanciering. Je kan het bedrag dat mogelijk van je subsidie wordt afgetrokken berekenen aan de hand van een speciale tabel, die je vindt via deze link. Concreet zit het zo:

1. Dubbelfinanciering vergroeningspremie met de biologische hectarepremie

Uit de tabel blijkt dat er dubbelfinanciering kan optreden als het biologische areaal, bufferstroken langs waterlopen of bosranden bevat. Voor deze stroken zal de hectaresteun op nul gezet worden. De oppervlakte van deze stroken wordt geautomatiseerd berekend, nml. de lengte van de strook x 6 m (is dus niet noodzakelijk helemaal gelijk aan de effectieve strook op het terrein)! Bv. voor een strook met lengte van 100 m zal er een oppervlakte van 100 x 6 = 600 m2 op 0 euro gezet worden. Hoeveel dat verlies dan is, hangt af van de teelt en het omschakelingsjaar van het perceel.

Bijvoorbeeld: voor een maïsperceel in omschakeling is de biologische hectarepremie normaal 480 euro/ha. Als er een bufferstrook van 100 m langs een waterloop of een bosrand ligt, dan wordt het bedrag van de biohapremie in mindering gebracht met 480 x (100 x 6)/10000 = 29 euro. Je krijgt dus 451 euro i.p.v 480 euro voor die ha. Stel dat de bufferstrook zich bevond op een hectare biologisch grasland, dan zou de premie 113 euro zijn i.p.v 120 euro.

Deze mogelijke dubbelfinanciering door de aanwezigheid van bufferstroken en bosranden treedt eveneens op bij volgende premies:

  • de premie voor vlinderbloemigen (bovenop punt 2 hieronder)
  • mechanische onkruidbestrijding
  • verwarringstechniek fruitteelt
  • vezelvlas met verminderde bemesting
  • vezelhennep met verminderde bemesting

2. Dubbelfinanciering vergroeningspremie met de premie voor vlinderbloemigen

Als je meer dan 75 procent grasachtigen (gras, braak, vlinderbloemigen of combinatie) hebt, dan geldt het volgende: 

  • Heb je minder dan 10 ha bouwland, dan ben je op basis van oppervlakte vrijgesteld van de vergroeningsvereisten gewasdiversificatie en ecologisch aandachtsgebied. In dat geval wordt geen rekening gehouden met de oppervlakte die je hebt aangegeven om de VLI-premie te krijgen. Die wordt dan gewoon uitbetaald. 
  • Heb je meer dan 10 ha bouwland, dan ben je op basis van oppervlakte vrijgesteld van de vergroeningsvereiste ecologisch aandachtsgebied, niet voor gewasdiversificatie. Voor gewasdiversificatie ben je dan vrijgesteld op basis van de 75%-grasachtigen regel. De oppervlakte grasklaver of vlinderbloemigen die dan gebruikt wordt om tot 75 procent te geraken, wordt niet uitbetaald. 
Heb je minder dan 75 procent grasachtigen (gras, braak, vlinderbloemigen of combinatie), maar meer dan 15 ha bouwland, dan kan je nog altijd genieten van je vrijstelling als bioproducent. Dan is er wel dubbelfinanciering voor de ecologische aandachtsgebieden. Dat betekent dat je bij zuivere klaver, luzerne enzovoort je de VLI-premie zal verliezen voor het areaal dat nodig is voor de ecologische focusgebieden (niet voor grasklaver).

Je kan zo'n scenario ook vermijden door afstand te nemen van het recht om als bioboer automatisch te voldoen aan de vergroeningsvereisten. Wel moet je er dan over waken dat je de ecologische focusgebieden niet invult door maatregelen te nemen die ook tot dubbelfinanciering zouden kunnen leiden. Dat is het geval met EAG-bufferstroken (EAG = "ecologisch aandachtsgebied") en EAG-bosranden. En bovendien moet je dan natuurlijk ook effectief voldoen aan alle vergroeningsvereisten.

MOET IK ALS BIOBOER VOLDOEN AAN DE VERGROENINGSVEREISTEN? 
Als bioboer met betalingsrechten voldoe je automatisch aan de vergroeningsvereisten. In bepaalde gevallen kan het nuttig zijn om afstand te doen van dit recht, met name om dubbelfinanciering te vermijden met de biohapremie of met de premie voor vlinderbloemigen. 
Voor meer info, zie het antwoord op de vraag: "Zal ik een deel van mijn biohapremie, vlinderbloemigenpremie (of andere premies voor agromilieumaatregelen of beheerovereenkomsten) verliezen als ik geen afstand neem van het recht om automatisch te voldoen aan de vergroeningsvereisten?"

Foto's: KVL/Creative Nature, Wijveld en De Lochting